Investeringsaftrek aan 20%: we gaan de laatste 6 maanden in?

5 June 2019

De eenmalige investeringsaftrek werd voor KMO’s en zelfstandigen vanaf 1 januari 2018 van 8% verhoogd naar 20%. Deze tijdelijke verhoging loopt op 31 december 2019 van rechtswege ten einde tenzij de regering besluit om deze gunstige maatregel te verlengen.

De investeringsaftrek is een extra aftrek die toegepast kan worden op investeringen in materiële en immateriële vast activa, ongeacht hun aard. Deze aftrek kan eenmalig of gespreid gebeuren en kan soms tot mooie belastingbesparingen leiden, zowel voor zelfstandigen als voor vennootschappen.

Om van deze investeringsaftrek te kunnen genieten, moeten de betrokken activa waarin wordt geïnvesteerd aan de volgende cumulatieve voorwaarden voldoen:

  • in België voor een in bestaande of geplande beroepswerkzaamheid worden gebruikt;
  • afschrijfbaar zijn;       
  • nieuw zijn;     
  • tijdens het belastbaar tijdperk verkregen zijn.

De toepassing van het tarief van 20% heeft wel beperkingen voor KMO’s: verzaking aan de notionele interestaftrek en overdracht (bij onvoldoende belastbaar resultaat) beperkt tot het volgend belastbaar tijdperk.

Het is nog onzeker of de regering de tijdelijke gunstmaatregel van de verhoogde eenmalige investeringsaftrek van 20% zal verlengen. We kunnen wel met zekerheid stellen dat dit verhoogd tarief nog van toepassing zal zijn op investeringen gedaan tot uiterlijk 31 december 2019.

U doet er dus goed aan om in geval van geplande investeringen te bekijken of u deze al dan niet best nog in 2019 doet.

De kracht van QPS Accountants? Doordringen tot de kern van uw KMO en zorgen voor een helder inzicht.

Bekijk ook onze andere recente blogberichten en ontdek meer expertise

De dwingende bepalingen van het Wetboek Vennootschappen en Verenigingen

De dwingende bepalingen van het Wetboek Vennootschappen en Verenigingen

Op 1 mei 2019 trad het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (WVV) in werking. Indien uw vennootschap dateert van voor deze datum en u niet koos om uw vennootschap reeds aan te passen aan de nieuwe wetgeving, dient u vanaf 1 januari 2020 rekening te houden met de dwingende bepalingen van dit wetboek. Statutaire bepalingen die in strijd zijn met deze dwingende regelgeving worden voor “niet-geschreven” gehouden. Hieronder vindt u enkele voorbeelden.

Vergeet ook voor 2019 uw minimumbezoldiging als bedrijfsleider niet!

Vergeet ook voor 2019 uw minimumbezoldiging als bedrijfsleider niet!

Sinds 2018 dient iedere kleine vennootschap gedurende het boekjaar aan minstens één bedrijfsleider (natuurlijke persoon) minstens 45.000 euro bruto bezoldiging toe te kennen om van het verlaagd tarief in de vennootschapsbelasting te genieten. Als het resultaat van de vennootschap kleiner is dan 45.000 euro dient de bruto bezoldiging minimaal gelijk te zijn aan het belastbaar resultaat.