Onroerende voorheffing in corona-tijden: Vraag uiterlijk 31 maart de vermindering van OV aan voor leegstand

8 March 2022

Wanneer een onroerend goed gedurende een bepaalde periode heeft leeggestaan en geen inkomsten heeft opgebracht, wordt dit goed bestempeld als ‘onproductief’. Onder bepaalde voorwaarden kunnen eigenaars van leegstaande gebouwen een proportionele vermindering van de onroerende voorheffing krijgen in verhouding tot het aantal maanden dat deze onproductiviteit geduurd heeft.

Voorwaarden

Het moet gaan om een niet-gemeubileerd gebouwd onroerend goed. Gemeubileerde woningen en appartementen of onbebouwde onroerende goederen zoals gronden komen dus niet in aanmerking.

Onroerende goederen met industriële, ambachtelijke of handelsdoeleinden mogen gemeubileerd zijn, op voorwaarde dat alle roerende goederen die zich in het gebouw bevinden in verband staan met de uitbating.

De onproductiviteit moet per kalenderjaar minstens 90 dagen (180 dagen in Wallonië) geduurd hebben. Deze periode van 90 dagen moet niet aaneensluitend zijn.

De onproductiviteit moet onvrijwillig zijn. De onproductiviteit moet met andere woorden te wijten zijn aan omstandigheden onafhankelijk van de wil van de belastingplichtige. Het vrijwillig buiten gebruik laten van een onroerend goed kan geen aanleiding geven tot vermindering van onroerende voorheffing.

 

Veroorzaakten de coronamaatregelen onproductiviteit?

Geen opbrengsten

Een onroerend goed is maar onproductief wanneer het volstrekt geen opbrengsten oplevert. Ondernemingen die geen enkele activiteit konden uitoefenen tijdens de lockdowns (denk bijvoorbeeld aan saunacomplexen, fitnesscentra, bioscopen,…) zullen eenvoudig kunnen aantonen dat ze aan deze voorwaarde voldoen. Dit ligt anders voor horecazaken en niet-essentiële winkels die hebben voorzien in afhaaldiensten. Het is niet omdat er geen klanten meer binnen mogen komen in uw handelszaak, dat deze daarom onproductief is. De leegstand wordt voor het kadastraal perceel in zijn geheel bekeken. Indien de keuken bijvoorbeeld nog gebruikt wordt voor het bereiden van afhaalmaaltijden, kan niet gesteld worden dat de volledige handelszaak onproductief is.

Onvrijwillige onproductiviteit

Ondernemingen die het voorwerp waren van lockdown-maatregelen hadden geen andere keuze dan te sluiten. Voor hen levert deze voorwaarde dus weinig discussie op.

Verder zijn er ook ondernemingen die hun deuren sloten wegens een gebrek aan economische activiteit. We denken hierbij bijvoorbeeld aan dienstverleners in de evenementensector of leveranciers van restaurants. Hier zou discussie kunnen ontstaan over het ‘onvrijwillige’ karakter van de sluiting.

 

Wie kan de vermindering aanvragen?

De belastingplichtige van de onroerende voorheffing is de persoon die eigenaar, bezitter, vruchtgebruiker, opstalhouder of erfpachter is van het onroerend goed. Bij een huurovereenkomst blijft de verhuurder ten aanzien van de belastingadministratie de belastingplichtige, ook al wordt de onroerende voorheffing in de huurovereenkomst ten laste van de huurder gelegd.

Het is echter vaak de huurder die de gevolgen van de corona-maatregelen heeft moeten ondergaan. De voorwaarden voor de vermindering moeten echter steeds beoordeeld worden in hoofde van de belastingplichtige zelf, en niet in hoofde van de huurder.

Indien de huurder verder betaalt, is er geen onproductiviteit in hoofde van de verhuurder. Het onroerend goed levert voor de verhuurder namelijk nog steeds huurinkomsten op.

De verhuurder kan de vermindering enkel vragen indien de huurder geen huur betaald heeft. De huur kan kwijtgescholden worden na een rechterlijke uitspraak of de huurder en verhuurder kunnen dit in samenspraak overeenkomen. Bij kwijtschelding van de huur kan de vermindering van toepassing zijn, op voorwaarde dat het onroerend goed niet gebruikt wordt door de huurder. Wanneer de huurder niet betaalt maar het onroerend goed wel gebruikt, wordt er geen vermindering verleend.

 

Aanvraagprocedure

Om de vermindering aan te vragen dient u na de ontvangst van het aanslagbiljet een bezwaar in bij de Vlaamse Belastingdienst. Dit bezwaar kan ingediend worden tot 31 maart van het jaar dat volgt op het aanslagjaar waarvoor u een proportionele vermindering aanvraagt.

Voor een onproductiviteit die heeft plaatsgevonden tijdens 2021, kan de aanvraag ingediend worden tot 31 maart 2022.

Wij helpen graag bij het aanvragen van de vermindering OV dus aarzel niet om uw QPS-dossierbeheerder te contacteren. 

De kracht van QPS Accountants? Doordringen tot de kern van uw KMO en zorgen voor een helder inzicht.

Bekijk ook onze andere recente blogberichten en ontdek meer expertise

Soepelere houding fiscus voor wat betreft ficheplicht bedrijfsleider terugbetaling onkosten vennootschap

Soepelere houding fiscus voor wat betreft ficheplicht bedrijfsleider terugbetaling onkosten vennootschap

In februari waarschuwden we reeds voor een verruiming van de ficheplicht voor terugbetalingen van kosten aan bedrijfsleiders (zie onze blogpost d.d. 24.02.2022 ‘Ruimere ficheverplichting voor terugbetaalde kosten aan de bedrijfsleider: betaal bepaalde kosten voortaan liever rechtstreeks met de vennootschap’). Namens de wet dienen alle terugbetalingen aan de bedrijfsleider van kosten eigen aan de werkgever vermeld te worden op de fiche, ongeacht het feit of het forfaitair, dan wel variabele vergoedingen betreft.

Verplicht alternatieve betalingswijze vanaf 1 juli 2022

Verplicht alternatieve betalingswijze vanaf 1 juli 2022

Als ondernemer ben je verplicht om vanaf 1 juli 2022 een alternatieve betalingswijze, naast de cashbetaling, te voorzien voor je klanten.

Elke onderneming, dit wil zeggen niet enkel handelaars, maar ook vrije beroepers en verenigingen, zijn verplicht om vanaf 1 juli elektronisch betalen toe te laten.

Het QPS-team staat klaar

om u te adviseren/assisteren

Aarzel niet com contact met ons op te nemen!

Contacteer ons